Tags

, , , , , , , , , , , , , , ,

Het symbolisme wordt wel gezien als een kunststroming die opbloeide tijdens het fin de siècle en begin 1900 alweer een stille dood stierf. In de grafische kunst – en met name in de boekversiering – zou de roep van het symbolisme echter nog lang doorklinken. Een van de kunstenaars die wordt gerekend tot dit ‘late symbolisme’ is de Haagse ontwerper Pieter Hofman.

lrimg498prPieter Adriaan Hendrik Hofman (1885 – 1965) was een Haagse sierkunstenaar die zich vooral bezighield met het ontwerpen van boekbanden, gelegenheidsgrafiek en glas-in-loodramen. Zijn meest bekende kunstwerk is een groot glas-in-loodraam in het trappenhuis van De Bijenkorf in Den Haag. Als boekbandontwerper ontwikkelde hij een eigen stijl die zich het best laat omschrijven als een kruising tussen symbolisme en art deco.

Ambtenaar
Hofman volgde van 1909 tot 1911 de avondcursus van de Haagse Academie voor Beeldende Kunsten, waar hij onder andere les kreeg van Toon Dupuis. Na zijn opleiding combineerde hij het kunstenaarsbestaan lange tijd met een baan als ambtenaar bij het ministerie van Binnenlandse Zaken. Pas in 1933 toen hij als gevolg van de economische crisis werd ontslagen, legde hij zich volledig toe op de kunst.

Haagsche Kunstkring
Hofman was vanaf 1912 actief binnen de Haagsche Kunstkring, waar hij onder andere in contact kwam met symbolistische kunstenaars als Johan Thorn Prikker, Jan Toorop en Willem van Konijnburg. In deze omgeving ontwikkelde hij zijn eigen beeldtaal die sterk is beïnvloed door het werk van met name Toorop en Van Konijnenburg.

Sint Elmsvuur - Herman Robbers, bandontwerp: Pieter Hofman (1919)Jugendstil
In 1919 begon Hofman met het ontwerpen van boekbanden. Zijn eerste band voor Sint Elmsvuur – het eerste deel van de romancyclus Een mannenleven van Herman Robbers – vertoont nog duidelijke kenmerken van de jugendstil en het symbolisme, zoals de vloeiende dunne lijnen en de symbolische verbeelding van de inhoud.

Monogram
Hofman beperkt zich tot een versiering van voorplat en rug; op het achterplat staat enkel zijn – dan nog – sierlijke kunstenaarsmonogram. De gestileerde jongeling op de voorzijde staat vermoedelijk symbool voor de jeugd. Op de achtergrond verwijst een berglandschap met opkomende zon naar de jonge levenskracht, terwijl de rozenstruik die met zijn stekelige takken het lichaam omringt, een voorbode is van alle tegenslagen en levenslessen die reeds in het leven besloten liggen. De bandtekening zou ook een directe verwijzing kunnen zijn naar het martelaarschap van Sint Elmus en naar het elektrische lichtverschijnsel dat naar deze beschermheilige van de zeelieden is genoemd.

lrimg313ov

Art deco
In de jaren 20 ontwikkelt Hofman definitief zijn eigen stijl die nauw aansluit bij de opkomende art deco. Voor zijn figuratieve motieven blijft hij echter teruggrijpen op het symbolisme. Dit is goed te zien in het bandontwerp uit 1924 voor Over literatuur van Is. Querido. De opstijgende gestileerde vrouwenfiguur verbeeldt de literatuur die de mens verheft. Ze is omgeven door een kader van meanderlijnen die de titel en auteursnaam een logische plek geven. Het sierlijke monogram uit 1919 is veranderd in een strakke variant met rechte lijnen.

Tziganen - Francois Pauwels, bandontwerp: Pieter Hofman (1924)Typografische banden
Met het bandontwerp voor Tziganen – eveneens uit 1924 – gaat Hofman een stap verder. De bandversiering is ditmaal zuiver typografisch. Belettering en kaderlijnen vormen samen één strakke compositie, waarbij optimaal gebruik is gemaakt van het contrast tussen goudopdruk en het effen zwarte linnen. Deze techniek zou Hofman in veel van zijn bandontwerpen toepassen, waarbij zijn voorkeur uitging naar goudopdruk op rode, zwarte en groene ondergronden.

Nescio
Een van zijn mooiste typografische banden maakte Hofman in 1933 voor de tweede druk van Nescio’s novelle Dichtertje. Ditmaal geen zware kaderlijnen maar een subtiel typografisch lijnenspel dat doorloopt over rug en achterzijde. Met behulp van een blindstempel is rondom de beginkapitaal een licht hoogteverschil gecreëerd waardoor deze als het ware wordt verhoogd. Niet de titel – dichtertje (zonder hoofdletter!) – staat op de voorgrond, maar de naam van de schrijver.

Dichtertje - Nescio, bandontwerp: Pieter Hofman (1933)Geliefde verzamelobjecten
Al met al heeft Hofman tussen 1919 en 1953 meer dan 100 boekbanden ontworpen. Met zijn eigen herkenbare en aansprekende stijl heeft hij het beeld van de Nederlandse boekverzorging in de jaren 20 en 30 mede bepaald. Zijn boekbanden zijn ook vandaag de dag nog steeds geliefde verzamelobjecten. Je vindt ze nog volop op boekenmarkten en bij antiquariaten. De meeste boeken kosten zo rond de 10 tot 20 euro.

Meer bijzondere boekbanden

Bronnen: ‘P.A.H. Hofman (1885 – 1965), Haags sierkunstenaar’ – Peter van Dam, 1996 – Museum Meermanno-Westreenianum Den Haag – Uitgeverij Uniepers Abcoude