Tags

, , , , , , , , , , , , , , , ,

Arjan Bronkhorst: Pathé Tuschinski &emdash; PAT_1.10013_a_100dpi

Amsterdam staat bekend om zijn 17e-eeuwse grachtenpanden, maar ook bewonderaars van architectuur uit het begin van de 20e eeuw kunnen er hun hart ophalen. In deze ‘binnenkijkgids’: 10 monumentale gebouwen en historische interieurs van rond 1900 die je moet hebben gezien…

Theater Tuschinski, detail van de gevel. Foto: Arjan Bronkhorst

Theater Tuschinski, detail van de gevel. Foto: Arjan Bronkhorst

7. Theater Tuschinski

We schrijven 1920. Abraham Tuschinski staat op het punt om zijn droom waar te maken. De opkomende joodse bioscoopondernemer, die al vier filmhuizen in zijn woonplaats Rotterdam heeft, laat een ‘filmpaleis’ in Amsterdam bouwen. “Amsterdam heeft vele theaters, maar als ik er één bouw, dan moet het alle andere ver overtreffen”, schrijft hij in zijn memoires. “Grootsch als een tempel en fraai als een paleis, een theater dat zijn weerga in Europa nog niet heeft, en zelfs het verwende Amsterdamsche publiek paf doet staan van bewondering.”

Airconditioning avant la lettre
Het gebouw wordt hypermodern. Zo is Theater Tuschinki een van de eerste gebouwen in Amsterdam dat volledig van elektriciteit wordt voorzien. Het theater krijgt zelfs airconditioning avant la lettre. Een ander technisch hoogstandje zijn de twee ‘zwevende balkons’ voor de Grote Zaal, die plaats biedt aan 1600 toeschouwers.

Grote Zaal Theater Tuschinski, foto Arjan Bronkhorst

Grote Zaal Theater Tuschinski, foto Arjan Bronkhorst

De Moorse Kamer van Pieter den Besten, foto Arjan Bronkhorst

De Moorse Kamer van Pieter den Besten, foto Arjan Bronkhorst

‘Het mooiste van het mooiste’
Voor het interieur worden kosten noch moeite gespaard. Mahonie- en ebbenhouten lambriseringen, zijden wandbespanningen, marmeren trappen en bronzen siersmeedwerk… Alleen ‘het mooiste van het mooiste’ is goed genoeg voor Tuschinski, die zijn filmkathedraal laat inrichten in een bonte mengeling van art nouveau, art deco en Amsterdamse School. “De mensen moeten het bij mij rijker hebben dan thuis”, houdt hij zijn ontwerpers voor. “Dan lopen ze hun huis uit en komen naar mijn theater.”

Decorateurs
Het gezelschap aan decorateurs dat Tuschinki aantrekt om zijn droompaleis aan te kleden, bestaat uit de Amsterdamse architect-ontwerper Willem Kromhout en zijn leerling Chris Bartels, en drie Rotterdamse sierkunstenaars: Jaap Gidding, Pieter den Besten en Dirk Jan van der Laan. Iedere ontwerper krijgt zijn eigen deel van het theater toegewezen.

Wandschildering van Jaap Gidding in de Pauwenzaal, foto Arjan Bronkhorst

Wandschildering van Jaap Gidding in de Pauwenzaal, foto Arjan Bronkhorst

Foyer Theater Tuschinski, foto Arjan Bronkhorst

Foyer Theater Tuschinski, foto Arjan Bronkhorst

Pauwenzaal van Jaap Gidding
Jaap Gidding neemt de inrichting van de foyer voor zijn rekening: een majestueuze ontvangsthal die ook wel de ‘Pauwenzaal’ wordt genoemd vanwege de fraaie muurschilderingen van pauwen. Voor het plafond van de hal ontwerpt Gidding een grote lichtkoepel die van binnen is beschilderd met een subtiel lijnenspel. Het licht in de beschilderde koepel verandert telkens van kleur waardoor het lijkt alsof de golvende lijnen bewegen. Giddings pièce de résistance is een groot wollen tapijt van 150 vierkante meter met in het midden een Poolse adelaar, een verwijzing naar het geboorteland van Tuschinski, die in 1904 vanuit Polen naar Nederland was geëmigreerd.

Japanse Kamer Theater Tuschinski, foto Arjan Bronkhorst

Japanse Kamer Theater Tuschinski, foto Arjan Bronkhorst

Pieter den Besten
De jonge veelbelovende ontwerper Pieter den Besten ontwerpt het art deco interieur van La Gaîté, dat helaas verloren is gegaan bij een brand in 1941. In deze beroemde cabaretzaal traden grote sterren op als Louis Davids, Marlène Dietrich en Josephine Baker.

Japanse Kamer
Gelukkig is Tuschinski zo gecharmeerd van het werk van zijn jonge huisdecorateur dat hij hem nog veel meer laat doen. Zo maakt Den Besten voor de garderobe een Japanse Kamer met zijden wandbespanningen versierd met fijn geborduurde bloemen en draken. Zijn schilderij van een Geisha die wordt aangekleed door twee bedienden herinnert nog steeds aan de oorspronkelijke functie van deze intieme ruimte. Alle lampen, de deurgrepen, het meubilair en het tapijt zijn vormgegeven in een oosterse fantasiestijl.

Verschillende lampen op de Vlindergalerij, foto Arjan Bronkhorst

Verschillende lampen op de Vlindergalerij, foto Arjan Bronkhorst

De Vlindergalerij van Pieter den Besten, foto Arjan Bronkhorst

De Vlindergalerij van Pieter den Besten, foto Arjan Bronkhorst

Vlindermeisjes
Weer een andere ruimte op de begane grond wordt door Den Besten omgebouwd tot de Moorse Kamer, een intieme zithoek met op de muren scènes uit de sprookjes van duizend-en-één-nacht. Maar het mooiste voorbeeld van zijn grote decoratietalent is de Vlindergalerij. Voor deze wandelgang rond de Grote Zaal schildert Den Besten allerlei feeërieke vlindermeisjes, een populair thema in het cabaret van de jaren 20. De lampen aan het plafond zijn gemaakt van gebatikt zijde in de vorm van rupsen en vlinderpoppen. Ook de meeste glas-in-loodramen in het gebouw zijn door Den Besten ontworpen.

Willem Kromhout ontwierp de plafondlamp in de Grote Zaal, foto Arjan Bronkhorst

Willem Kromhout ontwierp de plafondlamp in de Grote Zaal, foto Arjan Bronkhorst

Spinnenweblamp
Willem Kromhout drukt als meest ervaren ontwerper zijn stempel op de Grote Zaal. Als blikvanger ontwerpt hij een enorme stalen plafondlamp in de vorm van een spinnenweb, die wordt uitgevoerd door Chris Bartels. Ook de plafondschilderingen die één compositie met de spinnenweblamp vormen, zijn waarschijnlijk ontworpen door Kromhout.

Chris Bartels ontwierp de druipsteen-lampen in de foyer, foto Arjan Bronkhorst

Chris Bartels ontwierp de druipsteen-lampen in de foyer, foto Arjan Bronkhorst

Chris Bartels
Zijn leerling Chris Bartels blijkt een ware alleskunner te zijn, die zelf ook lambriseringen, lampen en het meeste siersmeedwerk ontwerpt. Voor Dirk Jan van der Laan, een Rotterdamse decoratieschilder die al langer voor Tuschinski werkt, is in Amsterdam een kleinere rol weggelegd. Hij schildert de paradijsvogels en draken op de omloop rond het eerste balkon.

Theater Tuschinski, detail van de gevel. Foto: Arjan Bronkhorst

Theater Tuschinski, detail van de gevel. Foto: Arjan Bronkhorst

De opening
Op vrijdag 28 oktober 1921 opent Theater Tuschinski zijn deuren voor het massaal toegestroomde publiek. Eindelijk kunnen de Amsterdammers zich vergapen aan hun eigen filmtempel. Ook de pers is onder de indruk van het imposante gebouw. “De mooiste schouwburg van Nederland”, kopt dagblad Het Vaderland een dag na de opening. De krant wijdt een groot artikel aan het nieuwe theater. “Wie de Reguliersbreestraat binnenkomt, ziet dadelijk den monumentalen gevel, fraai van lijn, mooi van steen, dadelijk verradend dat hier het lichtspel zijn triomfen speelt.”

Interieur
Over het interieur is de krant vol lof. De ontvangsthal van Gidding wordt ‘het gloriepunt van het gebouw’ genoemd. Den Besten wordt geroemd als ‘de artiest van het cabaret’: “Men kan hier aan alles zien dat één geest aan het werk is geweest. Wandschildering, meubels, lambrisering, toneelomlijsting, toneelgordijn, verlichtingslichaam: het is allemaal één, zeer gelukkige, stijl.”

Programma Theater Tuschinski, omslagontwerp: Elias Ott (1924)

Programma Theater Tuschinski, omslagontwerp: Elias Ott (1924)

‘Potpourri aan stijlen’
Niet iedereen is het eens met deze lovende woorden. Tuschinski’s filmkathedraal, die ontworpen is door Amsterdamse School-architect Hijman Louis de Jong, roept wisselende reacties op. In architectenkringen wordt minzaam gesproken over ‘pruimentaartarchitectuur’. Ook de ‘potpourri’ aan interieurstijlen is de stijlpuristen een doorn in het oog.

Tuschinski-stijl
Maar bij het grote publiek, waarvoor Tuschinski zijn theater heeft gebouwd, valt de weelderige inrichting wel in de smaak. De ‘Tuschinski-stijl’ wordt al gauw een begrip en nagevolgd in vele Amsterdamse cafés, winkels en woonhuizen.

Programmaboekje Cabaret La Gaîté Dansant - Grand Theatre Rotterdam (ca. 1925)

Programma Cabaret La Gaîté Dansant, Grand Theatre Rotterdam (ca. 1925)

De ondergang
Eind jaren 30 keert het tij voor Tuschinski, die ondanks de economische crisis enorme bedragen in zijn bedrijf blijft steken en hierdoor diep in de schulden raakt. Het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog betekent de ondergang van zijn filmimperium. Op 14 mei 1940 worden alle Rotterdamse Tuschinski-bioscopen verwoest bij het bombardement op Rotterdam. Theater Tuschinski valt een paar maanden later in handen van de Duitsers, die alle joodse medewerkers ontslaan en de naam omdopen in Tivoli. Bijna de gehele familie Tuschinski wordt een jaar later opgepakt en naar Polen gedeporteerd, waar zij in de vernietigingskampen van het leven worden beroofd.

Gerestaureerde wandschildering van Pieter den Besten, foto: Arjan Bronkhorst

Gerestaureerde wandschildering van Pieter den Besten, foto: Arjan Bronkhorst

Restauratie
Ook vandaag de dag kun je nog steeds naar de film in Theater Tuschinski. Het interieur ademt nog steeds de sfeer van de jaren 20 en 30. De huidige eigenaar Pathé heeft het gebouw tijdens een vijf jaar durende restauratie (1998-2002) weer zoveel mogelijk in oude luister laten herstellen. Hierbij kwamen onder andere 18 door Den Besten geschilderde art deco vrouwen in mode-achtige poses aan het licht, die tientallen jaren achter een dikke verflaag waren verscholen. Een bronzen plaquette in de hal herinnert aan Abraham Tuschinski en zijn zwagers Herman Ehrlich en Herman Gerschtanowitz, die dit unieke theater samen hebben groot gemaakt.

Theater Tuschinki, entree naar de filmzalen. Foto: Arjan Bronkhorst

Theater Tuschinki, entree naar de filmzalen. Foto: Arjan Bronkhorst

Rondleidingen
Via de website van Pathé Tuschinski kun je een audiotour boeken. ‘Portier Frits’ laat je dan de mooiste plekjes zien en vertelt meteen wat over de geschiedenis van het theater. De audiotour duurt circa 45 minuten en is dagelijks mogelijk van 9.30 tot 11.30 uur, uitgezonderd dagen dat er bijzondere evenementen zijn. De kosten zijn 10 euro, inclusief een kopje koffie. Het is ook mogelijk om voor grotere groepen een rondleiding met een echte gids aan te vragen (max. 10 personen, kosten € 150,-).

Dit artikel verscheen eerder in een langere versie in Art Deco magazine. De prachtige foto’s zijn gemaakt door Arjan Bronkhorst.